Naar de inhoud
Ricky Peters

Organisatie & uitvoering

Een organisatie die de volgende groeifase aankan

Ik help directie en management van gevestigde B2B-organisaties de rollen, processen, capaciteit en uitvoering zo in te richten dat de gekozen richting ook in het dagelijkse werk terechtkomt.

Liever eerst zelf kijken? Bekijk de vraagstukken.

Het spanningsveld

De organisatie is gebouwd voor de vorige fase

Een organisatie die goed werkte bij twintig mensen loopt vast bij vijftig. Niet omdat er iets misgaat, maar omdat afspraken die impliciet waren nu expliciet moeten worden. Wie mag wat beslissen, wie draagt werk aan wie over, en waar gaat de schaarse capaciteit heen?

Wat dit een directievraagstuk maakt

De keuzes die hier gemaakt moeten worden, raken meerdere afdelingen tegelijk en gaan over verdeling: van mandaat, van mensen en van aandacht. Dat zijn keuzes met winnaars en verliezers binnen de organisatie. Een afdelingshoofd kan ze zelden alleen nemen, ook al ziet die het probleem als eerste.

Het gaat niet altijd omhoog

Een uitkomst kan juist zijn dat besluiten lager komen te liggen. Wanneer een team de kaders kent en de gevolgen overziet, is beslisruimte op de werkvloer sneller en beter dan een wachtrij richting de directie. De vraag is niet wie de baas is, maar welk besluit op welke plek thuishoort.

Kort antwoord

Wat betekent werken aan organisatie en uitvoering?

In één alinea

Het betekent dat je de inrichting van je organisatie afstemt op wat je wilt waarmaken. Dat begint bij de klantbelofte en de doelen die daaruit volgen. Daarna kijk je waar het dagelijkse werk vastloopt: bij overdrachten, wachttijden, uitzonderingen of dubbel werk. Vervolgens leg je vast wie waarover beslist en welke capaciteit vrijkomt. Tot slot zorg je dat de verandering onderdeel wordt van het werk, met invoering, begeleiding en meetpunten die laten zien of het beter gaat.

Vier beslisvragen

De vragen die de inrichting bepalen

Deze vier vragen vormen de rode draad in vrijwel elk organisatievraagstuk dat ik oppak.

01 Wat moet de organisatie kunnen waarmaken?

Begin bij de belofte aan de klant en de doelen die daaruit volgen. Welke levertijd, welke kwaliteit, welke prijs en welk volume horen daarbij? En wat betekent groei daarvoor: kan de huidige inrichting twee keer zoveel werk aan, of loopt er dan iets stuk? Door dat eerst scherp te maken, wordt duidelijk welke vermogens je organisatie nodig heeft en welke ze nu mist.

02 Waar loopt het dagelijkse werk vast?

Kijk naar de plekken waar werk van de ene hand in de andere gaat. Daar ontstaan wachttijden, misverstanden en herstelwerk. Breng in kaart hoe vaak een uitzondering voorkomt en of die uitzondering inmiddels de regel is. Let ook op dubbel werk: dezelfde gegevens die op twee plekken worden ingevoerd, of twee mensen die hetzelfde controleren. En kijk waar dezelfde schaarse specialist telkens nodig is.

03 Wie mag waarover besluiten?

Leg per belangrijk resultaat vast wie eigenaar is en welke besluiten die persoon zelf mag nemen. Benoem ook wat naar de directie gaat en binnen welke termijn een blokkade wordt opgelost. Een eigenaar zonder beslisruimte wordt in de praktijk een coördinator. Kijk daarbij expliciet naar afhankelijkheid van enkele sleutelfiguren: als hun agenda de doorlooptijd bepaalt, is dat een ontwerpprobleem en geen kwestie van harder werken.

04 Hoe wordt de verandering onderdeel van het werk?

Een nieuwe werkwijze bestaat pas wanneer mensen haar gebruiken. Dat vraagt om prioriteiten die iets anders verdringen, om capaciteit die daadwerkelijk vrijkomt en om begeleiding bij de invoering. Spreek af waaraan je ziet dat het werkt: een cijfer over de doorlooptijd, het aantal uitzonderingen of het gebruik van de nieuwe afspraak. Bespreek dat in een vast overleg waar ook besluiten vallen, anders wordt meten een rapportage in plaats van sturing.

Afwegingen

Drie ingrepen, en wanneer ze passen

Geen van deze richtingen is altijd de juiste. De combinatie hangt af van waar het vastloopt.

IngreepPast wanneerAfweging
Verantwoordelijkheden en mandaat verduidelijkenBesluiten blijven liggen of komen telkens terug bij dezelfde persoon.Vaak snel te doen zonder het organogram te wijzigen. Vraagt wel dat de directie beslisruimte echt loslaat.
Proces of overdracht herontwerpenHet werk stokt tussen afdelingen, of uitzonderingen bepalen de dagelijkse praktijk.Levert direct meetbare winst, maar botst soms met wat lokaal efficiënt voelt.
Inrichting en verdeling van capaciteit aanpassenStrategisch werk wordt structureel verdrongen door de waan van de dag.De moeilijkste keuze, want er moet iets stoppen. Zonder die keuze blijft de rest een wens.

Drie afwegingen komen hierbij steeds terug: wat lokaal efficiënt is tegenover het resultaat over afdelingen heen, standaardiseren tegenover uitzonderingen die er echt toe doen, en nieuwe projecten starten tegenover eerst capaciteit vrijmaken.

Van keuze naar uitvoering

Zes schakels om te bepalen waar het breekt

Bij vraagstukken over strategie-uitvoering gebruik ik dit als hulpmiddel om de plek aan te wijzen waar een keuze zijn betekenis verliest. Het verklaart niet elk organisatieprobleem, maar het maakt het gesprek concreet.

  • Keuzes. Wat willen we bereiken en waar kiezen we bewust niet voor?
  • Vertaling. Wat moet er in het werk anders gaan en wat merkt de klant daarvan?
  • Eigenaarschap. Wie is verantwoordelijk en welke besluiten hoort daarbij?
  • Capaciteit. Welke mensen, tijd en middelen komen daadwerkelijk vrij?
  • Ritme. Welke resultaten staan het komende kwartaal centraal en wanneer besluiten we?
  • Meten en bijsturen. Welke cijfers laten zien of het beter gaat, en wat doen we als dat tegenvalt?
Verdieping binnen deze pijler

Drie routes met een eigen rol

Operating model

De inrichting van rollen, verantwoordelijkheden en besluitvorming.

Naar operating model

Procesoptimalisatie

Hoe werk door de organisatie loopt en waar verbetering het meeste oplevert.

Naar procesoptimalisatie

Strategie uitvoeren

Gekozen prioriteiten omzetten naar actie, capaciteit en zichtbare voortgang.

Naar strategie uitvoeren

Wat ik oplever

Werkproducten, beslissingen en meetpunten

Wat hiervan aan de orde is, hangt af van het vraagstuk. Niet elk traject bevat alles.

Richten

  • Een diagnose van waar het werk en de besluitvorming vastlopen, met de cijfers eronder.
  • Een beeld van wat de organisatie moet kunnen om de doelen waar te maken.
  • Een korte lijst met keuzes, inclusief wat daarvoor stopt of minder aandacht krijgt.

Versnellen

  • Een rol- en beslismatrix: wie is eigenaar, wie beslist, wie wordt geraadpleegd.
  • Procesontwerp voor de ketens die het meeste kosten, inclusief de overdrachten.
  • Een prioriteiten- en capaciteitsplan met wat er daadwerkelijk vrijkomt.

Groeien

  • Een uitvoeringsroadmap met volgorde, afhankelijkheden en beslismomenten.
  • KPI-definities en overdrachtsafspraken, zodat metingen dezelfde taal spreken.
  • Begeleiding bij invoering en borging, zodat de nieuwe werkwijze blijft staan.
Voor wie

Wanneer deze pijler bij je past

Herken je een van deze situaties, dan is dit een bruikbare ingang.

De organisatie groeit sneller dan de afspraken

Wat vanzelf ging bij twintig mensen, hapert nu.

Werk blijft liggen tussen afdelingen

Iedereen doet zijn deel, en op de overdracht ontstaat het verlies.

Er is een eigenaar zonder beslisruimte

Verantwoordelijkheid zonder mandaat levert vooral escalaties op.

Strategisch werk wordt steeds verdrongen

De waan van de dag wint, omdat er niets is gestopt.

Verder kijken

Zelf een beeld vormen

Veelgestelde vragen

Vragen die ik hier vaak krijg

Moet ik de structuur aanpassen of eerst iets anders?

Dat hangt af van waar het vastloopt. Blijven besluiten liggen of ontbreekt mandaat, dan help je de organisatie het snelst door verantwoordelijkheden en beslisruimte vast te leggen. Loopt het werk zelf stuk op overdrachten, dan is procesherontwerp effectiever. Een structuurwijziging is ingrijpend en kost maanden aandacht, dus die zou ik pas overwegen als de andere twee het probleem aantoonbaar niet oplossen.

Onze eigenaar heeft geen mandaat. Wat nu?

Maak expliciet welke besluiten die persoon zelf mag nemen, welke bij een functioneel manager horen en welke naar de directie gaan. Spreek daarbij ook een termijn af waarbinnen een blokkade wordt opgelost. Zonder die drie afspraken blijft de eigenaar afhankelijk van de agenda van anderen en wordt hij aangesproken op een resultaat dat hij niet kan beïnvloeden.

Hoe weet ik of het een procesprobleem is of gewoon te weinig mensen?

Meet hoeveel van de doorlooptijd bestaat uit wachten en hoeveel uit werken. Ligt het zwaartepunt bij wachten, overdragen en herstellen, dan lossen extra mensen het niet op: die komen in dezelfde wachtrij terecht. Is er nauwelijks wachttijd en zit iedereen vol, dan is capaciteit wél de beperking. Vaak is het een combinatie, en dan bepaalt de verhouding waar je begint.

Hoe meet ik of de verandering werkt?

Kies per resultaat twee soorten cijfers. Eén die laat zien of de nieuwe werkwijze wordt gebruikt, bijvoorbeeld het aandeel orders dat de afgesproken route volgt. En één die laat zien of het onderliggende resultaat verandert, bijvoorbeeld de doorlooptijd of het aantal correcties. Bespreek beide in hetzelfde overleg waar ook besluiten worden genomen.

Wat doe jij en wat blijft bij ons?

Ik doe de analyse, maak de ontwerpen en begeleid de invoering: gesprekken met de mensen die het werk doen, de diagnose, de rol- en beslismatrix, het procesontwerp en het capaciteitsplan. Het dagelijkse werk blijft bij je eigen mensen, net als de aansturing ervan. Ik zit in de overleggen waar besluiten vallen zolang dat nodig is, zodat de nieuwe werkwijze blijft staan als ik weg ben.

Kan een uitkomst ook zijn dat we minder centraal beslissen?

Ja, dat komt regelmatig naar voren. Als teams de kaders kennen en de gevolgen van hun keuzes overzien, is beslissen op de werkvloer sneller en vaak beter. De vraag is per onderwerp welk besluit waar thuishoort, en welke informatie iemand nodig heeft om het goed te kunnen nemen.

Direct contact

Bespreek waar het werk vastloopt

Je hoeft nog niet te weten of het aan de inrichting, het proces of de capaciteit ligt.

  1. Je stuurt je vraagstuk5 minuten

    Je rol, het onderwerp, de aanleiding en een korte omschrijving.

  2. Ik reageer persoonlijkmeestal 1 werkdag

    Geen agendalink, maar een antwoord van mij.

  3. Kennismaking30 minuten

    Video of telefoon. Je hoort wat mij opvalt en welke vervolgstap ik zou zetten.

  4. Jij beslist

    Past het, dan volgt een voorstel. Past het niet, dan zeg ik dat.

Geen verkoopgesprek. Blijkt dat je iets anders nodig hebt, dan hoor je dat.

Liever meteen bellen of mailen? Dat kan op 06 18 20 67 00 of info@rickypeters.nl.

Stuur je vraagstuk

Hoe scherper je omschrijving, hoe nuttiger het gesprek.

Weet je het nog niet? Dan is dat hier een prima antwoord.
Wat zie je gebeuren, waarom is dit nu relevant en waar loop je tegenaan?

Deel hier nog geen vertrouwelijke of gevoelige bedrijfsinformatie. Een korte omschrijving van het vraagstuk is genoeg. Je gegevens gebruik ik alleen om je bericht te beantwoorden, zie de privacyverklaring.

Verder lezen