TL;DR
Stop met sturen op onderbuikgevoel en maak je aannames expliciet door ze om te zetten in testbare hypotheses. Combineer bestaande data met korte interviews en snelle experimenten om ruis te verminderen en sneller bewijs te verzamelen. Zo vertaal je inzichten direct naar scherpere segmenten, betere messaging en effectievere campagnes, zonder maandenlang onderzoek.
Je marketing voelt soms als schieten met hagel: je hebt een plan, maar je mist bewijs dat je de juiste mensen raakt. Dat is logisch, want veel keuzes komen nog steeds voort uit aannames, eerdere successen of de mening van de best betalende klant. Het probleem is niet dat aannames “fout” zijn, maar dat je ze zelden expliciet maakt en bijna nooit test.
Als marketingmanager wil je sneller beslissen, met minder gedoe en meer zekerheid. Je hebt geen maandenlange onderzoeksprojecten nodig om slimmer te werken, maar wél een manier om twijfel om te zetten in bewijs. In dit artikel leer je hoe je doelgroep valideren praktisch aanpakt, zodat je positionering, boodschap en budget beter gaan renderen.
Validatie heeft pas waarde als je het vertaalt naar keuzes die je morgen in je marketing kunt doorvoeren.
Waarom aannames je groei remmen
Aannames sluipen je marketing in op de momenten dat snelheid belangrijker wordt dan zekerheid. Je team kiest een segment, maakt een campagne en hoopt dat de markt zich gedraagt zoals jullie verwachten. Als het tegenvalt, ga je vaak optimaliseren op uitvoering, terwijl het probleem soms in de basis zit: je spreekt niet de juiste mensen aan, of niet met de juiste belofte.
Het lastige is dat aannames vaak logisch klinken en daarom weinig weerstand oproepen. “Onze doelgroep wil vooral besparen” of “ze zitten allemaal op LinkedIn” voelt aannemelijk, maar het kan net zo goed een projectie zijn. Zeker in B2B, waar één luidruchtige klant makkelijk het beeld van de hele markt kleurt.
De impact zie je later pas terug in dure signalen: lage conversie, lange salescycli en veel “niet nu” in salesgesprekken. Dan is het verleidelijk om te concluderen dat de markt lastig is, terwijl je eigenlijk nog onvoldoende bewijs hebt voor je doelgroepkeuze. Doelgroepvalidatie is de discipline die voorkomt dat je blijft schalen op een wankele fundering.
Doelgroep valideren begint met je aannames testbaar maken
Doelgroep valideren start niet met meer data, maar met betere vragen. Schrijf eerst op wat je denkt te weten: wie koopt, waarom kopen ze, wat triggert hen en welke bezwaren houden hen tegen. Dit voelt simpel, maar het maakt direct zichtbaar waar je eigenlijk gokt, en waar je onbewust zekerheden hebt gebouwd op losse verhalen.
Maak van elke aanname een hypothese die je kunt weerleggen. In plaats van “marketingmanagers willen leads” formuleer je bijvoorbeeld: “Marketingmanagers in scale-ups geven prioriteit aan voorspelbare leadkwaliteit boven volume, en willen daarom betere segmentatie.” Je hebt dan iets dat je kunt toetsen met data, gesprekken en gedrag.
Kies vervolgens één aanname die, als die niet klopt, je hele plan onderuit haalt. Dat is meestal niet je kanaalkeuze, maar je probleem-definitie of je belofte. Als je daar bewijs voor hebt, worden alle vervolgbeslissingen makkelijker, omdat je team dezelfde werkelijkheid deelt.
Verzamel snelle signalen uit je bestaande data
Je hoeft niet eerst een nieuw onderzoekstraject op te tuigen om slimmer te kijken. In je bestaande systemen zitten al aanwijzingen over wie betrokken is, waar interesse vandaan komt en welke onderwerpen echt leven. Denk aan patronen in je CRM, de thema’s die zorgen voor reacties in e-mail, en de pagina’s waar mensen blijven hangen voordat ze contact opnemen.
Belangrijk is dat je niet alleen naar “wie” kijkt, maar vooral naar “waarom”. Welke content of propositiepagina’s trekken de beste leads aan, en welke trekken vooral nieuwsgierigen die nooit doorpakken? Als je dat scherp krijgt, zie je vaak dat je huidige beste klanten niet per se uit je ‘officiële’ persona komen, maar uit een subsegment met een heel specifiek probleem.
Gebruik die signalen om je interview- en testplan te focussen. Je zoekt geen perfecte waarheid, maar voldoende richting om je aannames te versmallen. Op dat moment ga je van een brede doelgroep naar een concrete hypothese over een herkenbaar segment met een duidelijke reden om te kopen.
Vertaal inzichten naar segmenten, positionering en campagnes
Validatie heeft pas waarde als je het vertaalt naar keuzes die je morgen in je marketing kunt doorvoeren. Begin met segmenten die je kunt herkennen en bereiken, niet met segmenten die alleen op papier bestaan. Als je weet welke context en urgentie het verschil maken, kun je je doelgroep scherper afbakenen en je boodschap menselijker formuleren.
Daarna maak je je positionering concreet: welk probleem los je op, voor wie, en waarom jij geloofwaardig bent om dat te doen. Wat je in interviews hoort, is vaak letterlijk bruikbaar in je headlines, ads en salesdeck, omdat het taal is die de markt al gebruikt. Dat geeft je campagnes meer relevantie zonder dat je harder hoeft te schreeuwen.
Tot slot koppel je het aan je funnel en je contentplanning. Je bouwt niet “meer content”, maar content die specifieke onzekerheden wegneemt bij het segment dat je nu hebt gevalideerd. Daardoor wordt marketing meetbaar nuttig voor sales, en wordt sales een bron van nieuwe hypotheses in plaats van alleen een feedbackkanaal achteraf.
Maak doelgroepvalidatie een vast ritme in je team
De valkuil is dat validatie een eenmalig project wordt dat verdwijnt zodra de kwartaaldoelen drukken. Terwijl de markt, kanalen en verwachtingen continu bewegen, en je doelgroep dus ook. Als je validatie als ritme organiseert, blijft je marketing scherp zonder dat het elke keer een groot traject hoeft te zijn.
Praktisch betekent dit dat je elke maand één aanname kiest die je expliciet test. De ene maand is dat een doelgroepsegment, de andere maand een belofte, en soms is het een bezwaar dat je messaging blokkeert. Door dit klein te houden, blijft het haalbaar en bouw je een backlog met bewijs waar je team op kan leunen.
Na een paar cycli ontstaat er iets waardevols: intern vertrouwen. Niet omdat iedereen het eens is, maar omdat iedereen dezelfde signalen ziet en dezelfde logica volgt. En dat maakt je strategie minder afhankelijk van meningen, en meer van herhaalbare beslissingen die je kunt uitleggen aan directie, sales en team.
Doelgroep validatie draait niet om perfecte zekerheid, maar om het verminderen van dure twijfel. Door aannames expliciet te maken, snelle signalen uit je bestaande data te halen, interviews te voeren en kleine experimenten te draaien, bouw je bewijs dat je marketingkeuzes draagt. Het resultaat is scherpere segmenten, sterkere positionering en campagnes die minder budget verbranden op gokken. Als je dit als ritme inricht, groeit je marketing met de markt mee, in plaats van achter de feiten aan te lopen.
Wil je in één sprint van aannames naar bewijs, inclusief interviews, smoke test en messaging die je direct kunt gebruiken?
Ricky Peters helpt marketingteams om doelgroepvalidatie praktisch te maken en om te zetten naar campagnes die wél conversie leveren. Neem contact op met Ricky Peters en plan een korte sparsessie om jouw grootste aanname deze maand te bewijzen.
Veelgestelde vragen
DONT DELETE THIS
Your content goes here. Edit or remove this text inline or in the module Content settings. You can also style every aspect of this content in the module Design settings and even apply custom CSS to this text in the module Advanced settings.
Wat betekent doelgroep valideren precies?
Doelgroep valideren is het toetsen of jouw beeld van je doelgroep klopt met de werkelijkheid. Je checkt of het probleem, de urgentie en de koopmotieven die jij verwacht ook echt leven. Dat doe je met een mix van data, gesprekken en gedragsbewijs. Het doel is beter beslissen, niet eindeloos onderzoeken.
Wat is het verschil tussen doelgroepanalyse en doelgroeponderzoek?
Doelgroepanalyse is vaak het structureren van wat je al weet en kunt zien in data en segmenten. Doelgroeponderzoek gaat een stap verder en haalt nieuwe inzichten op via interviews, surveys of tests. In de praktijk werken ze samen: analyse helpt focussen, onderzoek helpt bewijzen. Zo voorkom je dat je segmenten bouwt op aannames.
Hoeveel interviews heb je nodig om patronen te zien?
Vaak zie je met vijf tot tien goede gesprekken al terugkerende thema’s in woorden, bezwaren en triggers. Dat werkt vooral als je interviewt binnen één duidelijk segment, en als je open vragen stelt. Gebruik interviews niet om je pitch te testen, maar om de werkelijkheid te begrijpen. Daarna kun je met experimenten het gedrag bevestigen.
Welke data is handig om snelle doelgroepsignalen te vinden?
Start met CRM-data, websitegedrag, e-mailstatistieken en gesprekken die sales al voert. Kijk niet alleen naar volume, maar naar kwaliteit: welke herkomst en welke pagina’s hangen samen met goede leads. Combineer dit met zoektermen, contentinteresse en drop-off momenten. Zo zie je waar de echte intentie zit.
Hoe test je je positionering zonder groot budget?
Je kunt een simpele landingpage of waitlist maken en verschillende beloftes naast elkaar testen met klein advertentiebudget. Het gaat niet om perfectie, maar om consistente vergelijking: één variabele tegelijk. Combineer dit met korte interviews zodat je snapt waarom mensen wel of niet klikken. Daarmee voorkom je dat je maanden bouwt aan een verhaal dat niet landt.
Wanneer gebruik je A/B-testen en wanneer interviews?
Interviews gebruik je om te ontdekken en te begrijpen: taal, context en motieven. A/B-testen gebruik je om te bewijzen wat beter werkt in gedrag, zoals clicks, inschrijvingen of aanvragen. Vaak is de beste volgorde: eerst interviews voor richting, dan A/B of smoke tests voor bewijs. Zo beperk je ruis en vergroot je leerwaarde.




